Eetbare tuintip: veldzuring

De Latijnse naam voor veldzuring (ook wel zurkel genoemd) is Rumex Acetosa. Rumex betekent in het Latijn spijt en acetosa zuur. Als je deze wilde groente dagelijks eet krijg je vanwege het hoge oxaalzuurgehalte onherroepelijk nier- en blaasstenen dus spijt, maar eens in de drie à vier weken kan prima. Vooral de stengel is op warme dagen heerlijk fris, alsof je in een citroen bijt.

Al in het oude Egypte en Griekenland deed men zich tegoed aan veldzuring. In het Middellandse Zeegebied stond veldzuring in de oudheid bekend om zijn eigenschap scheurbuik te genezen. Er zit inderdaad veel vitamine C in.

Veldzuring is een vaste plant die in Nederland groeit in graslanden en soms op open plekken in bossen. Wil je zuring in je tuin dan is de variant bloedzuring een mooie die wij persoonlijk wat smakelijker en zachter vinden in een salade.

Bron: Derek Harper / Wikimedia Commons

Recept: tuinbonenpesto

Pesto, wij kunnen er geen genoeg van krijgen. Heerlijk door de pasta, maar ook op een boterham of als dip. En helemaal niet moeilijk om te maken. Daarom deze week een recept voor pesto van tuinbonen.

Tuinenbonenpesto

  • Stoom of blancheer een flinke handvol tuinbonen. Ze mogen nog stevig zijn.
  • Pers een teentje knoflook als je ervan houdt, zonder is ook lekker.
  • Mix met een staafmixer de tuinbonen met een paar druppels citroensap en koudgeperste olijfolie naar smaak.
  • Voeg eventueel naar smaak bonenkruid toe.
  • Laat de pesto niet te lang staan, de smaak wordt dan snel minder.

Eet smakelijk!

PS Geen zin in pesto maar wel in tuinbonen? Kook ze dan even kort, serveer er een aardappel uit de oven bij, eventueel wat zachte geitenkaas erbij of wat pijnboompitten, en je hebt een heerlijke verse maaltijd.

 

Eetbare tuintip: peulen

Plant tussen je vaste planten eens wat peulen, je kunt spelen met hoogtes, van klimboon en kapucijner tot sperzieboon. Het is weer eens iets anders dan in  rijtjes naast elkaar. Goede buren voor peulen zijn bonenkruid, tijm, kamille en de eenjarige mais.

Marije: ‘In mijn eigen eetbare tuin plant ik graag in het voorjaar nog allerlei peulen tussen de vaste planten. Het is nu dan ook een explosie van tuinbonen, peultjes en kapucijners. Soms goed zoeken tussen alle vaste planten maar des te leuker voor de kinderen. Sommige peulen hebben het in het begin niet overleefd omdat de mussen de jonge spruiten heerlijk vonden. Het is dan altijd afwegen, bescherm je ze of niet. Ik laat het graag wat los en vertrouw op de natuur. Meestal houden we dan een aantal maaltjes over om van te eten of snoepen.’

Over de peul
Een peul is een eiwitrijke vrucht die bestaat uit een vruchtblad en die bij rijpheid opengaat aan beide zijden. Peulvruchten zijn de zaden uit peulen, zoals erwten, linzen, tuinbonen. Sommige peulen worden in hun geheel gegeten, zoals peultjes en sperziebonen.

‘Maak hooi als de zon schijnt’

Een van de ontwerpprincipes van permacultuur gaat over energie opvangen en bewaren. Wanneer je je tuin ontwerpt en onderhoudt vanuit die gedachte, heb je geen of weinig hulpbronnen zoals water en voeding nodig.

Een voorbeeld is dat je in de lente geen teer pootgoed op vorstgevoelige plekken uitplant. Of dat je de warmte van de zon benut door een broeikas of een serre te plaatsen op de zuidzijde van het huis. Zo wordt het groeiseizoen verlengd en het huis met passieve zonne-energie verwarmd. Door water, zonlicht, warmte, biomassa en vruchtbaarheid vast te houden wanneer we maar kunnen, worden we zelfvoorzienend en veerkrachtig.

Voor ons als makers van Stenen kun je niet eten betekent dit ontwerpprincipe dat we via crowdfunding voldoende financiële energie proberen op te slaan om te starten, zodat we daarna zo min mogelijk andere bronnen nodig hebben. Daarbij hoort ook de vraag hoe we de gelden van onze supporters en sponsoren zo goed mogelijk benutten en inzetten. Het liefst zodanig dat er nieuwe geldstromen op gang komen waarmee we voort kunnen. Alles met de bedoeling om hooi eh boeken te maken als de zon schijnt.

Recept: lindebloesemthee

Linde (Tilia) is een geslacht van bomen uit de kaasjeskruidfamilie (Malvaceae). Van de bloemen van de linde kan je heerlijke thee maken. Die moet je zeker eens geproefd hebben! Het jonge blad kun je ook eten, gemixt met andere slasoorten in een gemengde salade.

Maar goed, de thee dus.

Knip wat bloesem van de lindeboom (naar eigen smaak) en laat die minimaal 10 minuten trekken in heet water. Lindebloesem is een natuurlijk ontstekingswerend middel. Dus bij een opkomende verkoudheid werkt het uitstekend. Gebruik er niet teveel van, 2 tot 3 kopjes is voldoende, want het werkt ook op de maag…

Variatietip
Combineer naar smaak met kamille en duizendblad, die versterken de werking van lindebloesem.

Geniet ervan!

PS Wat is jouw favoriete thee uit eigen tuin? Deel ‘m op Twitter of Facebook.

Eetbare tuintip: de hazelaar

De hazelaar (Corylus avellana) is een inheemse struik uit de berkenfamilie (Betulaceae). Het is een meerstammige dichte struik, dus je hebt er wat ruimte voor nodig. Hij groeit het best op humeuze, voedselrijke grond, die niet te droog is. Zorg dat er voldoende licht in de struik kan doordringen. De hazelaar gaat pas na tien jaar vrucht dragen; de hazelnoot. Er zijn ook geënte struiken verkrijgbaar, die al na drie jaar vrucht dragen. Sommige rassen zijn zelfbestuivend, andere niet. Let daar goed op, want: geen bestuiving, geen noten…

Katjes, bloemen en noten
In een zachte winter hangen de katjes al in januari aan de kale takken. De  bloemen verschijnen in februari, daaruit groeien in september de hazelnoten. Het blad loopt in mei uit en blijft tot in november aan de struik.

Mjammie
De hazelnoten zijn rijp, als het blad geel begint te worden, ergens tussen september en november. Ze dienen gedroogd te worden in de dop. De noten kun je zo eten of geroosterd, gehakt, geraspt. Of maak er koekjes mee.
Hazelnoten bevatten veel proteïnen, vezels, ijzer en veel vitamine E.

 

In gesprek met Romke van de Kaa

‘Mensen lezen graag over mislukkingen’

Begin dit jaar benaderden we kweker en publicist Romke van de Kaa met de vraag of hij ambassadeur of adviseur wilde worden van Stenen kun je niet eten. Daar voelde hij niet voor, maar hij nodigde ons wel uit voor een gesprek. Die uitnodiging grepen we met beide handen aan, we waren namelijk heel benieuwd naar zijn overwegingen en wie weet konden we zo toch nog wat wijze adviezen voor ons boek bemachtigen.  

We ontmoeten Romke van de Kaa thuis in Dieren waar hij een voormalige oranjerie bewoont, een karakteristiek pand met een rijke geschiedenis dat deels teruggaat tot de middeleeuwen. We spreken elkaar aan de keukentafel met uitzicht over de prachtige tuin en uiterwaarden.

Romke is duidelijk, hij vindt Stenen kun je niet eten een goed idee maar betwijfelt of we eetbare planten wel in de stad moeten verbouwen. Immers, de meeste fijnstof en vervuiling bevinden zich toch in de stad, net als honden- en kattenplas. Wij voeren op onze beurt aan dat juist in de stad de meeste versteende tuinen en tuiniers te vinden zijn en dus de meeste winst te behalen als het gaat om vergroening. De vervuiling is overigens wat ons betreft, zowel in de stad als op het platteland, een reden om groenten en fruit goed te wassen voordat we ze eten.

We gaan naar huis met een hoop goede tips, waarvan eentje er ons het meest zal bijblijven: ‘ Tuinen en tuinboeken mogen best wat minder braaf en kwezelig. Niet alles lukt, vertel ook over uitdagingen en mislukkingen. Mensen lezen graag over mislukkingen.’

 

‘Als je dan een kersenboom in je tuin zet, plant dan een eetbare en geen sierkers’.

‘Eetbaar is wat anders dan lekker. Begonia is lekker. Dahlia en viooltjes zijn decoratief en eetbaar maar vind ik niet lekker’.

 

Beauty is in the eye of the beholder

Observeer & integreer

Stilte en observatie vormen de kern van de permacultuur ontwerpmethode.

In onze snelle en kant-en-klare wereld is het een uitdaging om stil te staan en de seizoenen in je tuin te observeren. Het bestuderen en proberen te begrijpen van hoe de patronen van weer, wind en hoogteverschillen invloed hebben op vorst en plantengroei op je stukje land. Kijken en stilstaan geeft ons de mogelijkheid om stap voor stap de diepere aspecten van zorg voor de aarde te ontdekken.

Dit ontwerpprincipe geeft ons ook handvatten voor het boek, hoe kunnen we het ontwerp, de inhoud en het proces zo inrichten dan het onder andere in overeenstemming is met de seizoenen, met ons als makers, met het boekenlandschap in Nederland enzovoort.

De seizoenen

Door de tuinen die in het boek worden geportretteerd in meerdere seizoenen te fotograferen, komen de cycli van de natuur terug in het boek. Een tuin is ook mooi in de herfst of winter. Het ligt eraan wat je ziet, schoonheid is in de ogen van de toeschouwer.

Elk seizoen heeft zijn eigen kracht, energie. Probeer de natuur eens te volgen.

  • De lente (nu dus) is een tijd van groeikracht in de natuur. De lentezon stijgt steeds hoger, het licht neemt toe, de dagen worden langer. Het is de tijd om  je levensenergie te activeren, geef het tijd om te groeien.
  • De zomer (vanaf 21 juni) is een tijd van verhoogde helderheid en energie. Een piek in kracht en creativiteit. Symfonie van geuren, kleuren en klanken in de natuur. De  zon bereikt zijn hoogtepunt. De lange dagen en het warme weer geven je energie om door te zetten.

 

 

Recept: vlierbloesemlimonade

Er zijn meerdere manieren om vlierbloesemlimonade te maken. Sommigen koken de bloesem om vervolgens de drank langer te bewaren. Voor een snelle frisse limonade pluk je 6 tot 10 vlierbloesemschermen voor 1 tot 3 liter water. Was de schermen en doe ze in een kan of grote pan met koud water. Laat minimaal 8 uur staan. Zeef het sap daarna en geniet ervan, heerlijk op een warme dag als vandaag!

Variatietip
Voeg 6 tot 12 takjes citroenmelisse bij het water en 3 tot 6 eetlepels rozijnen om het sap zoeter te maken. Probeer ook eens een halve citroen of stukjes gember.

Wat is jouw variatietip? Deel ‘m met ons op Facebook of Twitter!